ECLI:NL:RBOBR:2013:6327
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Boete van €121.100 wegens overtredingen Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag bevestigd
Eiseres kreeg een boete opgelegd van €241.200 wegens 36 overtredingen van artikel 18b, tweede lid, van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag (Wml). Na bezwaar stelde de minister de boete vast op €121.100. Eiseres stelde beroep in tegen dit besluit.
Tijdens een inspectie op 15 mei 2009 werden 36 personen aangetroffen die verklaarden voor eiseres te werken. Eiseres leverde slechts loonstroken met verloonde uren, die niet overeenkwamen met de door werknemers opgegeven gewerkte uren. De rechtbank oordeelde dat eiseres niet aan de administratieve verplichtingen had voldaan en dat de boete terecht was opgelegd.
De rechtbank verwierp het verweer dat de personen niet fysiek aanwezig of niet aan het werk waren tijdens de controle. Ook het beroep op financiële situatie voor matiging van de boete werd afgewezen. De rechtbank concludeerde dat de boete proportioneel was en dat eiseres herhaaldelijk de Wml had overtreden. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: De rechtbank bevestigt de boete van €121.100 wegens overtredingen van artikel 18b, tweede lid, Wml en verklaart het beroep ongegrond.