Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
uitspraak van de meervoudige kamer van 3 november 2014 in de zaak tussen
[eiser], te [woonplaats], eiser
de heffingsambtenaar van de Belastingsamenwerking Oost-Brabant, verweerder
Procesverloop
€ 1.553.000 voor [object 1] te Lithoijen, € 781.000 voor [object 2] (bedrijf) te Maren-Kessel en € 585.000 voor [object 3] (bedrijf) te Maren-Kessel. In dit geschrift zijn tevens de aanslagen onroerendezaakbelastingen (OZB) voor het kalenderjaar 2013 bekend gemaakt.
Overwegingen
Het object [object 2] betreft een intensieve veehouderij voor varkens en omvat vier varkensstallen met bijbehorende mestkelders. Deze deelobjecten hebben verschillende bouwjaren, variërend van 1989 tot 2012. De erfverharding heeft een oppervlakte van 2.000 m². Tot de onroerende zaak behoren een tweetal percelen met een kadastrale oppervlakte van in totaal 37.535 m², waarvan 8.250 m² als grond bij de niet-woning in de waardebepaling is betrokken.
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt de bestreden uitspraak op bezwaar voor zover die betrekking heeft op [object 1];
- vermindert de bij beschikking vastgestelde waarde van [object 1] per waardepeildatum 1 januari 2012, naar de toestand op 1 januari 2013, tot een bedrag van € 1.490.860,- en draagt verweerder op de betreffende aanslagen dienovereenkomstig te verminderen;
- bepaalt dat haar uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde gedeelte van de uitspraak op bezwaar;
mr. F.J.H.L. Makkinga, leden, in aanwezigheid van drs. H.A.J.A. van de Laar, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 3 november 2014.