ECLI:NL:RBOBR:2015:5787
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde woning zonder waardedrukkende koopgarantregeling
Eiser betwist de door verweerder vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning per 1 januari 2013, vastgesteld op €190.000. Hij voert aan dat het gewijzigde bestemmingsplan en de koopgarantregeling de waarde drukken, omdat het uitzicht verdwijnt en hij de woning niet vrij kan verkopen.
De rechtbank oordeelt dat de wijzigingen in het bestemmingsplan minimaal zijn en geen waardedrukkend effect hebben. Daarnaast is het feit dat de woning niet vrij op de markt kan worden verkocht vanwege de koopgarantregeling niet relevant voor de WOZ-waarde. Volgens artikel 17, tweede lid, Wet WOZ geldt een overdrachtsfictie waarbij wordt uitgegaan van volle en onbezwaarde eigendom.
De rechtbank volgt het arrest van de Hoge Raad dat beperkingen in vervreemding niet automatisch het genot van de zaak beperken. De door verweerder gebruikte waardematrix en vergelijkingsobjecten zijn voldoende aannemelijk en vergelijkbaar. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en de WOZ-waarde blijft gehandhaafd.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van €190.000 wordt ongegrond verklaard.