ECLI:NL:RBOBR:2018:3371
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Waarde van gemeenschapshuis vastgesteld op basis van gecorrigeerde vervangingswaarde
Eiseres, een stichting en eigenaar van een gemeenschapshuis, betwistte de door de gemeente vastgestelde WOZ-waarde van het object per 1 januari 2016. De waarde was vastgesteld op €1.150.000, later verlaagd naar €1.120.000 na bezwaar. Eiseres stelde een lagere waarde voor van circa €915.000 op basis van een eigen taxatierapport.
De rechtbank stelde vast dat partijen het eens waren over de objectkenmerken en dat het object incourant is, waardoor de waarde op de gecorrigeerde vervangingswaarde moet worden bepaald. De rechtbank achtte de gebruikte taxatiewijzers als bruikbaar hulpmiddel en constateerde dat verweerder aannemelijk had gemaakt dat de toegepaste prijs per vierkante meter en de correcties voor technische en functionele veroudering juist waren.
De rechtbank oordeelde dat de verlenging van de levensduur en de inschatting van de restwaarde van het gebouw, dat uit 1920 en 1991 bestaat, voldoende waren onderbouwd. De door eiseres aangevoerde lagere waarde kon niet worden onderbouwd met verifieerbare gegevens. Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en bleef de waarde van €1.120.000 gehandhaafd.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door rechter F.M. Rijnbeek op 10 juli 2018.
Uitkomst: Het beroep tegen de WOZ-waarde van €1.120.000 wordt ongegrond verklaard.