ECLI:NL:RBOBR:2020:1306
Rechtbank Oost-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen intrekking drank- en horecavergunning wegens schenken aan minderjarigen
De burgemeester van 's-Hertogenbosch heeft de drank- en horecavergunning en exploitatievergunning van een horecabedrijf ingetrokken vanwege meerdere overtredingen, waaronder het schenken van alcohol aan minderjarigen. Verzoekster maakte bezwaar en vroeg om een voorlopige voorziening om de intrekking te schorsen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat er sprake was van onverwijlde spoed vanwege de sluiting van het bedrijf en de financiële gevolgen, zeker met carnaval in aantocht. De burgemeester baseerde het besluit op artikel 31, eerste lid, onder c, van de Drank- en Horecawet, dat intrekking verplicht stelt bij feiten die gevaar voor openbare orde, veiligheid of zedelijkheid rechtvaardigen.
De rechter stelde vast dat de burgemeester feiten van meer dan twee jaar niet zonder nadere motivering mocht meenemen. De recente incidenten betroffen slechts enkele gevallen van schenken aan minderjarigen, zonder dat de inrichting bekend stond als een locatie waar minderjarigen makkelijk aan alcohol komen. Meldingen van ouders werden niet onderbouwd met stukken.
Daarom was er onvoldoende grond voor de vrees die intrekking rechtvaardigt. De voorlopige voorziening werd toegewezen, waardoor de vergunningen geschorst werden tot zes weken na de beslissing op bezwaar. De burgemeester werd veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: De intrekking van de vergunningen wordt geschorst en de vergunningen blijven voorlopig van kracht.