ECLI:NL:RBOBR:2020:2209
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- M. de Vries
- M.H. Dworakowski-Kelders
- F.A.M.C. Habraken-Hermans
- Rechtspraak.nl
Boeteoplegging wegens overtreding Wet arbeid vreemdelingen voor onrechtmatige tewerkstelling
Eiser exploiteert een bedrijf in de teelt van blauwe bessen en kreeg een boete van €20.000 opgelegd wegens vijf overtredingen van artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav). Op 17 augustus 2017 trof de politie vreemdelingen aan die zonder tewerkstellingsvergunning werkzaamheden verrichtten. Inspectie SZW voerde nader onderzoek uit en bevestigde deze bevindingen.
Eiser voerde aan dat de bewijslast niet was geleverd, dat er sprake was van marginale arbeid, dat de boete disproportioneel was vanwege financiële draagkracht en dat de procedure te lang duurde. De rechtbank oordeelde dat de staatssecretaris voldoende bewijs had geleverd, onder meer door verklaringen van betrokken vreemdelingen en werknemers, en dat de arbeid niet marginaal was.
De rechtbank verwierp de bezwaren over de redelijke termijn en matiging van de boete. Ook het bezwaar tegen openbaarmaking van het boetebesluit werd afgewezen. Het beroep werd ongegrond verklaard en de boete bleef onverminderd van kracht.
Uitkomst: De rechtbank handhaaft de boete van €20.000 wegens vijf overtredingen van de Wet arbeid vreemdelingen en verklaart het beroep ongegrond.