Uitspraak
[vergunninghouder] ,te [woonplaats] , vergunninghouder.
11 februari 2020 getroffen voorlopige voorziening opgeheven.
55 dB(A) in de nachtperiode ten aanzien van het maximale geluidsniveau. Verder merken eisers op dat het akoestisch onderzoek dat verweerder aan de besluitvorming ten grondslag heeft gelegd tevens niet correct is, omdat de gehanteerde rijlijnen in werkelijkheid dichterbij hun woning liggen dan waarvan is uitgegaan. Mocht de omgevingsvergunning in stand blijven dan verzoeken eisers dat daarin wordt opgenomen dat er in de nachtperiode geen werkzaamheden mogen worden uitgevoerd en geen verkeersbewegingen mogen plaatsvinden op het perceel.
24 september 2019 opgesteld. Daarin is vermeld dat voor de indirecte hinder van aan- en afrijdend verkeer met een ruime marge wordt voldaan aan de voorkeurgrenswaarde van
50 dB(A), omdat de omgerekende waarde 35 dB(A) bedraagt. Daarbij is rekening gehouden met maximaal vijf auto’s/personenbussen in de dagperiode, twee in de avondperiode en (incidenteel) één in de nachtperiode. Dit aantal past volgens het akoestisch onderzoek bij de vergunde bedrijfssituatie. Ten aanzien van het geluid van de schuifpoort heeft verweerder verwezen naar de brief van M&A Omgeving B.V. van 12 februari 2020 waaruit volgt dat het geluid van de poort, gelet op de afstand van ongeveer 20 m tot aan de woning van eisers, geen significante bijdrage heeft in het geluidsniveau bij hun woning. De op de woning van eisers berekende geluidsbelasting in de representatieve bedrijfssituatie bedraagt langtijdgemiddeld 29, 30 en 24 dB(A) en maximaal 59, 59 en 59 dB(A) in de dag-, avond- en nachtperiode.
13 februari 2019 en stelt dat hij zich daarop mocht baseren. Het door eisers ingebrachte advies van Buro Lubbers doet volgens verweerder geen afbreuk aan het positieve advies van de welstandcommissie. Bovendien heeft hij door de late indiening van het advies van Buro Lubbers door eisers geen nader advies van de welstandscommissie meer kunnen krijgen.
Deze beroepsgrond faalt.