ECLI:NL:RBOBR:2023:113
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling arbeidsongeschiktheid en toekenning WGA-vervolguitkering door UWV
Eiser, voormalig medewerker assemblage bij DAF Trucks N.V., heeft zich ziekgemeld en een WIA-uitkering aangevraagd. Het UWV stelde zijn arbeidsongeschiktheid vast op 52,13% en later op 50,96%, waarna een WGA-vervolguitkering werd toegekend. Eiser betwistte deze vaststelling en voerde aan dat zijn klachten waren onderschat en dat een urenbeperking en meer beperkingen passend waren.
De rechtbank beoordeelde het medisch onderzoek zorgvuldig uitgevoerd door de verzekeringsarts bezwaar en beroep (B&B), die het dossier uitgebreid bestudeerde en eiser fysiek onderzocht heeft. De rechtbank vond geen aanleiding om het onderzoek onzorgvuldig te achten, ook niet vanwege het ontbreken van een fysiek onderzoek door de verzekeringsarts B&B zelf. De medische beperkingen waren overtuigend gemotiveerd en de ingebrachte aanvullende medische informatie van een fysiotherapeut en een arts spiergewrichtologie werd niet als doorslaggevend erkend.
De rechtbank concludeerde dat de vastgestelde Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) van 28 oktober 2020 adequaat de belastbaarheid van eiser weerspiegelt. De arbeidsdeskundige heeft berekend dat eiser met de geduide functies 49,04% van zijn oude loon kan verdienen, wat overeenkomt met 50,96% arbeidsongeschiktheid. Het beroep van eiser werd ongegrond verklaard en hij kreeg geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en het UWV-besluit tot toekenning van een WGA-vervolguitkering op 50,96% arbeidsongeschiktheid blijft in stand.