Uitspraak
met handelsnaam Foot Locker,
Rechtbank Oost-Brabant
De werknemer trad in 2015 in dienst bij Foot Locker en meldde zich op 1 december 2023 ziek. Ondanks herhaalde pogingen van de werkgever en arbodienst om contact te leggen en de werknemer te laten meewerken aan re-integratie, bleef zij grotendeels onbereikbaar en verscheen niet op medische spreekuren. Na waarschuwingen en loonopschorting verzocht Foot Locker op 28 maart 2024 ontbinding van de arbeidsovereenkomst op de e-grond (verwijtbaar handelen of nalaten).
De werknemer stuurde op 15 april 2024 een e-mail waarin zij haar dienstverband per direct opzegt vanwege een depressie, maar de kantonrechter oordeelt dat deze verklaring niet duidelijk en ondubbelzinnig is en geen rechtsgevolg heeft. De arbeidsovereenkomst bestaat derhalve nog.
De kantonrechter concludeert dat de werknemer haar re-integratieverplichtingen ernstig heeft veronachtzaamd, wat een redelijke grond voor ontbinding vormt. Het opzegverbod tijdens ziekte is niet van toepassing omdat de werknemer zonder gegronde reden weigert mee te werken en de werkgever loon heeft gestaakt. De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 5 juli 2024 zonder transitievergoeding. De werknemer wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 5 juli 2024 zonder transitievergoeding wegens niet-nakoming van re-integratieverplichtingen.