ECLI:NL:RBOBR:2024:521
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling tot 24 jaar gevangenisstraf voor moord en verbergen lichaam partner
De rechtbank Oost-Brabant heeft verdachte veroordeeld tot 24 jaar gevangenisstraf wegens moord op zijn partner en het begraven van haar lichaam met het oogmerk het delict te verhullen. Het slachtoffer werd tussen 18 en 19 november 2022 gewurgd en haar lichaam op een afgelegen plek begraven onder een blauw zeil.
Bewijs bestond uit DNA-sporen van het slachtoffer en verdachte op de auto, kleding en een zakdoek in de grafkuil, loggegevens van de auto die meerdere bezoeken aan de begraaflocatie aantonen, en getuigenverklaringen. Verdachte gaf wisselende verklaringen en beriep zich op geheugenverlies, wat door deskundigen als simulatie werd beoordeeld.
De rechtbank oordeelde dat verdachte met voorbedachte rade handelde, gezien de voorbereiding van het delict en het graven van de grafkuil over meerdere dagen. De moord vond plaats in de gezamenlijke woning terwijl de kinderen sliepen. De rechtbank achtte de gedragingen van verdachte bijzonder ernstig en strafverzwarend.
Daarnaast werden diverse schadevergoedingen toegekend aan de nabestaanden, waaronder affectieschade, materiële schade en schokschade, met wettelijke rente en een schadevergoedingsmaatregel. De rechtbank wees enkele vorderingen deels af wegens onvoldoende onderbouwing.
De straf zal worden verminderd met de duur van het voorarrest en geheel binnen de penitentiaire inrichting worden uitgevoerd tot voorwaardelijke invrijheidstelling mogelijk is.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 24 jaar gevangenisstraf voor moord en het begraven van het lichaam met het oogmerk het delict te verhullen.