Deze uitspraak betreft een verzoek om voorlopige voorziening tegen een last onder bestuursdwang die is opgelegd vanwege de aanwezigheid van asbesthoudende materialen op het perceel van verzoeker. Het college had het besluit genomen zonder verzoeker vooraf te horen, hetgeen volgens de voorzieningenrechter onterecht was.
De voorzieningenrechter oordeelt dat het college niet mocht voortbouwen op een oud voornemen uit 2020, omdat het tijdsverloop te groot is en er sprake kan zijn van nieuwe feiten of omstandigheden. Tevens zag het oude voornemen op een last onder dwangsom, niet op bestuursdwang. Daarom had het college verzoeker opnieuw moeten horen.
De voorzieningenrechter wijst het verzoek toe en schorst het bestreden besluit tot zes weken na bekendmaking van de beslissing op bezwaar. Tevens wordt het college veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan verzoeker. De overige aangevoerde gronden behoeven geen bespreking vanwege het toewijzen van het verzoek.