ECLI:NL:RVS:2016:1492
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- W. Sorgdrager
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bouwvergunning varkensstal wegens stillegging bouwactiviteiten
Het college van burgemeester en wethouders van Landerd heeft bij besluit van 1 juli 2014 de bouwvergunning voor een varkensstal, verleend in 2004, ingetrokken wegens het niet tijdig starten en het stilleggen van de bouwwerkzaamheden gedurende minimaal 26 weken.
De vergunninghouder, exploitant van een melkvee- en vleesvarkenshouderij, betwistte de intrekking en stelde dat hij gedwongen was eerst een rundveestal te bouwen vanwege subsidievoorwaarden. Hij voerde tevens aan dat hij niet vooraf in de gelegenheid was gesteld zijn zienswijze te geven, zoals vereist volgens artikel 4:8 Awb Pro.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State bevestigt deze uitspraak. De Raad oordeelt dat het college bevoegd was de vergunning in te trekken op grond van artikel 2.33 Wabo, ondanks het niet vooraf horen van de vergunninghouder, omdat dit in bezwaar is hersteld. Tevens acht de Raad het niet aannemelijk dat de vergunninghouder binnen korte termijn gebruik zal maken van de vergunning.
De belangenafweging door het college en de rechtbank wordt als zorgvuldig en redelijk beoordeeld, waarbij ook de gevolgen voor de bedrijfsvoering onvoldoende zwaarwegend zijn bevonden om de intrekking te verhinderen.
Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking van de bouwvergunning blijft in stand.
Uitkomst: De intrekking van de bouwvergunning voor de varkensstal wordt bevestigd en het hoger beroep ongegrond verklaard.