Uitspraak
RECHTBANK Oost-Brabant
1.[gedaagde 1] B.V.,
2.
[gedaagde 2] B.V.,
1.Inleiding en korte samenvatting
2.De verdere procedure
3.De feiten
27 juni 2017 door [eiser] betaald.
4.De beoordeling
1.Verweer van [gedaagde 1] : [eiser] is niet-ontvankelijk
2.Verweer van [gedaagde 1] : de vordering is verjaard
De rechtsvordering tot schadevergoeding of tot herstel van de opdrachtgever jegens de opdrachtnemer tengevolge deze voorwaarden, verjaart door verloop van één jaar nadat de opdrachtgever ter zake heeft geprotesteerd.”
Op alle leveringen, aanbiedingen en opdrachten zijn de
12 september 2017 ook niets meer is opgenomen over de staalconstructie, en dus ook de verwijzing naar de Metaalunievoorwaarden ontbreekt. Kortom, deze voorwaarden zijn dus naar het oordeel van de rechtbank niet relevant bij de beoordeling van het geschil tussen partijen. In navolging op de offerte is in de opdrachtbevestiging (uitsluitend) verwezen naar de algemene voorwaarden van [gedaagde 1] . De conclusie is dan dat de algemene voorwaarden van [gedaagde 1] van toepassing zijn op de overeenkomst met [eiser] , zoals dat ook voor [eiser] voldoende duidelijk had moeten zijn. Tussen partijen is niet in geschil dat deze voorwaarden op de achterkant van de offerte alsook op de opdrachtbevestiging staan gedrukt.
3.Verweer van [gedaagde 2] : de vordering is vervallen
De aansprakelijkheid van de adviseur vervalt door verloop van vijf jaren vanaf de dag waarop de opdracht door voltooiing of opzegging is geëindigd.
De rechtsvordering uit hoofde van een toerekenbare tekortkoming vervalt in ieder geval na verloop van vijf jaren vanaf de dag waarop de opdracht door voltooiing of opzegging is geëindigd. De rechtsvordering die na deze termijn wordt ingesteld is niet ontvankelijk.
Indien de einddeclaratie op een eerdere dag wordt verzonden dan de dag waarop de opdracht door opzegging of voltooiing is geëindigd, geldt de eerdere dag als dag waarop de opdracht is geëindigd.