ECLI:NL:RBOBR:2026:2349
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen vastgestelde WOZ-waarde woning voor kalenderjaar 2023
Eisers zijn eigenaren van een vrijstaande woning uit 1963 en betwisten de vastgestelde WOZ-waarde van €565.000 voor het kalenderjaar 2023, vastgesteld per waardepeildatum 1 januari 2022. De heffingsambtenaar heeft de waarde onderbouwd met een waardematrix en drie vergelijkingsobjecten, die volgens de rechtbank voldoende vergelijkbaar zijn ondanks verschillen in ligging en voorzieningen.
Eisers voerden aan dat onvoldoende rekening is gehouden met geluidsoverlast door nabijgelegen snelweg en vliegverkeer, alsmede met de staat van onderhoud van de woning, waaronder achterstallig onderhoud en aanwezigheid van asbest. De rechtbank oordeelt dat deze factoren voldoende zijn meegenomen in de waardering, onder meer door een negatieve correctiefactor van 25% op de m²-prijs.
Het taxatierapport van eisers, dat niet de vergelijkingsmethode toepast en onvoldoende onderbouwing biedt, slaagt er niet in twijfel te zaaien over de juistheid van de vastgestelde waarde. De rechtbank concludeert dat de heffingsambtenaar de waarde aannemelijk heeft gemaakt en verklaart het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van €565.000 wordt ongegrond verklaard en de waarde blijft gehandhaafd.