ECLI:NL:RBOBR:2026:5161
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen bestuurlijke boete voor overschrijding meststoffenwet gebruiksnorm
Eiseres, exploitant van een melkveebedrijf, kreeg van de minister een bestuurlijke boete opgelegd wegens overschrijding van de gebruiksnorm voor dierlijke meststoffen. De boete bedroeg aanvankelijk €24.411,- en werd na bezwaar licht aangepast tot €24.405,50. Eiseres stelde dat de minister onjuiste mestproductiegegevens gebruikte en dat er sprake was van grotere gasvormige verliezen dan berekend, en voerde daarnaast schending van het lex certa- en gelijkheidsbeginsel aan.
De rechtbank oordeelde dat eiseres onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de minister onjuiste gegevens hanteerde. De door eiseres aangevoerde alternatieve berekeningen en de Kringloopwijzer waren niet voldoende betrouwbaar of objectief om de ministeriële berekeningen te weerleggen. Ook was de administratie van eiseres niet op orde, waardoor zij niet kon aantonen dat er grotere gasvormige verliezen waren.
Verder verwierp de rechtbank de stelling dat het lex certa-beginsel of het gelijkheidsbeginsel was geschonden. De wettelijke bepalingen zijn voldoende duidelijk en het onderscheid tussen staldieren en graasdieren is gerechtvaardigd. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard, de boete bleef in stand en eiseres kreeg geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de bestuurlijke boete wegens overschrijding van de meststoffenwet gebruiksnorm wordt ongegrond verklaard en de boete blijft in stand.