ECLI:NL:RBOVE:2014:5624
Rechtbank Overijssel
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen intrekking WWB-uitkering wegens onroerend goed in Turkije
Verzoekster ontving sinds 2003 een bijstandsuitkering die door verweerder is ingetrokken per 11 augustus 2008 vanwege het niet melden van onroerend goed, een erfenis en een bankrekening in Turkije. Verzoekster maakte bezwaar en vroeg om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het onderzoek naar het vermogen in het buitenland wettelijk was toegestaan en niet in strijd met het recht op privacy of het discriminatieverbod. Het onderzoek richtte zich op bijstandsgerechtigden met een buitenlandse nationaliteit of woonplaats in het buitenland, wat gerechtvaardigd was voor de rechtmatige uitvoering van de WWB.
Verzoekster had onvoldoende gegevens verstrekt over haar vermogen, waardoor het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld. Het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen omdat het primaire besluit naar verwachting in stand zou blijven. Er was geen sprake van disproportionele inbreuk op het privéleven en het onderzoek was niet onrechtmatig.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de intrekking van de WWB-uitkering wordt afgewezen.