Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
GROLSCHE BIERBROUWERIJ NEDERLAND B.V.,
gevestigd en kantoorhoudende te Enschede,
1.De procedure
2.De feiten
Kamerstukken II, 2013–2014, 33 818, nr. 3, pag. 32-34 en
Kamerstukken II, 2013-2014, 33 818, nr. 7, pag. 91). Als ontslag het gevolg is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van Grolsch, dan dient [X] hiervoor volgens die wetsgeschiedenis te worden gecompenseerd, ook om dergelijk handelen of nalaten van Grolsch te voorkomen. In de billijke vergoeding kan niet tot uitdrukking komen of het ontslag redelijk is mede in het licht van de gevolgen van het ontslag voor [X] , omdat dit al is verdisconteerd in de transitievergoeding. De hoogte van de billijke vergoeding moet daarom worden bepaald op een wijze die en op het niveau dat aansluit bij de uitzonderlijke omstandigheden van het geval, waarbij criteria als loon en lengte van het dienstverband geen rol hoeven te spelen. Er kan wel rekening worden gehouden met de financiële situatie van Grolsch. De kantonrechter zal de billijke vergoeding vaststellen op een bedrag van € 20.000,00 bruto.
4.Het verzoek van [X] tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst
5.Het verzoek van [X] tot loonbetaling en de beoordeling hiervan
6.de beslissing
et verzoek van Grolsch tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst en het verzoek van [X] tot veroordeling van werkgever tot betaling van een vergoeding van € 125.000,- [kantonrechter leest: bruto]