Eiser beschikte over een AWBZ-indicatie GGZ 3C geldig tot 21 maart 2017 en ontving zorg via MenTrainingSalland. Verweerder kende een pgb toe op basis van de Wmo 2015, maar stelde de hoogte vast met een ontoereikend budget en op grond van een gemeentelijke verordening die niet strookte met de wet.
De rechtbank oordeelt dat voor de periode tot 21 maart 2017 het pgb vastgesteld had moeten worden volgens de Regeling subsidies AWBZ, en dat het bestreden besluit voor die periode in strijd is met de wet. Voor de periode vanaf 22 maart 2017 geldt dat de gemeenteraad een nieuwe verordening moet vaststellen waarin de hoogte van het pgb wordt bepaald, omdat de huidige verordening niet voldoet.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit, draagt verweerder op binnen zes weken nieuwe besluiten te nemen, en treft een voorlopige voorziening waarbij eiser een pgb van € 45.625,- op jaarbasis wordt toegekend voor de periode 22 maart tot en met 31 december 2017. Tevens wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten van € 990,- en het griffierecht van € 46,- aan eiser te vergoeden.