Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
uitspraak van de meervoudige kamer in de zaak tussen
[naam 1] B.V., [naam 2] B.V. en
de burgemeester van Twenterand, verweerder.
[naam 4] , handelend onder de namen [naam 5] en [naam 6], te Den Ham.
Rechtbank Overijssel
Bij besluit van 23 augustus 2018 verleende de burgemeester van Twenterand een horeca-exploitatievergunning voor een horecabedrijf in Den Ham. Eisers maakten bezwaar tegen de vergunning vanwege vermeende geluidsoverlast en afwijkingen in de openingstijden. De burgemeester handhaafde het besluit, waarna eisers beroep instelden bij de rechtbank Overijssel.
De rechtbank overwoog dat de vergunning betrekking heeft op het gebouw en de terrassen, niet op de outdoor-activiteiten op het perceel. Eisers stelden dat de vergunning onterecht was verleend omdat de openingstijden langer waren dan aangevraagd en omdat de geluidsoverlast het woon- en leefklimaat aantastte. De rechtbank vond echter dat de burgemeester zijn beoordelingsbevoegdheid redelijk had uitgeoefend, rekening houdend met de afstand tot woningen, de aard van het horecabedrijf en het ontbreken van structurele meldingen van overlast.
De rechtbank verwierp het bezwaar dat het uniforme sluitingsbeleid van de Algemene Plaatselijke Verordening buiten toepassing zou moeten worden gelaten. Er was geen sprake van een bijzonder geval dat afwijking rechtvaardigt. Gezien de omstandigheden en de motivering van de burgemeester concludeerde de rechtbank dat de vergunning terecht was verleend en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen het handhaven van de horeca-exploitatievergunning is ongegrond verklaard.