Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
31 december 2016- zoals ook vermeld bij feit 2 - heeft de rechtbank ten aanzien van feit 1 de pleegperiode aldus gecorrigeerd.
3.De voorvragen
4.De bewijsoverwegingen
[mailadres 1], bij verdachte in gebruik. [44]
[mailadres 1]dat vooral door verdachte wordt gebruikt. [54]
[mailadres 2]; dit e-mailadres staat op de facturen. [82]
[mailadres 2]– schrijft [bedrijfsleider] van [bedrijf 1] dat hij zojuist een bedrag van € 25.000,00 heeft overgemaakt. [medeverdachte 2] stuurde binnen tien minuten deze mail door aan [medeverdachte 3] met de opdracht: “(..) Wil jij het bedrag terugstorten via de bank, van [bedrijf verdachte] ? Als aflossing van de lening”. [86]
[mailadres 3]zijn berichten aangetroffen van 3 december 2014 [112] , voorafgegaan door een bericht van [naam 7] / [bedrijf 5] waarin om een betalingsbevestiging werd gevraagd. [medeverdachte 1] beantwoordde de vraag met: “Only if you pay ma a little back, ha ha. In a hour you get confirmation.” [113]
[mailadres 3]werden in totaal zes valse facturen van [bedrijf 2] gericht aan [bedrijf 5] aangetroffen. Deze hebben een afwijkende lay-out ten opzichte van de gebruikelijke facturen van [bedrijf 2] [118] De facturen vermelden een aantal gegevens van [bedrijf 2] . , zoals adres, telefoonnummer en BTW-nummer maar als e-mailadres staat op de facturen:
[mailadres 1], een e-mailadres (voornamelijk) in gebruik bij verdachte. Op de facturen staat telkens een bankrekeningnummer op naam van [bedrijf 2] bij de Orcobank op [land 1] : [rekeningnummer 4] (USD-rekening) of [rekeningnummer 5] (euro-rekening).
[mailadres 3]naar [naam 7] “Pls, informe me, what I should make for an invoice from tankcleaning to [bedrijf 6] ”. [120]
[mailadres 3]is gebleken dat in de ten laste gelegde periode sprake was van e-mailverkeer tussen [naam 6] enerzijds, en verdachte en [medeverdachte 1] anderzijds, over het opmaken van facturen van [bedrijf 3] voor [bedrijf 3 medeverdachte] , de [bedrijf 2] -facturen en de betaling ervan op rekeningen op [land 1] . [140]
[mailadres 1]en cc naar [medeverdachte 1] via
[mailadres 3]) een overzicht, met facturen, van [bedrijf 3] voor [bedrijf 3 medeverdachte] , in verband met de levering van vetten. [141]
[mailadres 1](cc naar [medeverdachte 1] ), met als onderwerp : factuur (‘Invoice’). Als bijlage is een - op een aantal kenmerken van originele [bedrijf 2] -facturen afwijkende [143] - [bedrijf 2] -factuur gevoegd van 26 augustus 2014, betreffende een rekening van
[mailadres 4]) en verdachte [147] waarbij wederom sprake is van verzending van een lijst/ overzicht van facturen van [bedrijf 3] gericht aan [bedrijf 3 medeverdachte] Na de verzending van [bedrijf 2] -facturen door [verdachte] op 20 februari 2015 maakte [naam 6] nog dezelfde dag een bedrag van USD 5.400 over op een – inmiddels geopende – [bedrijf 2] -bankrekening bij de Orcobank te [land 1] .
[mailadres 5].
[mailadres 3]zijn e-mailberichten aangetroffen van verdachte, steeds verzonden met het e-mailadres [mailadres 1] . [159] In de mailbox zat onder meer een e-mailbericht (met als onderwerp: ‘Commission invoices [bedrijf 2 medeverdachte] -april’) verzonden naar het (door [verdachte] gebruikte) e-mailadres [160] [mailadres 1].
[mailadres 6], en gericht aan [medeverdachte 1] met als onderwerp ‘brokerage commission’: “Hey Pikkie, Que tal.. Muy bien.. Wil je ff je akkoord geven, dan kan ik de factuur doormailen. (vorige staat op Euro) Hostra Otra. [verdachte] ” met daarbij gevoegd een bestand met de naam ‘Factuur [bedrijf 5] 2.xls’. [161]
[mailadres 3], blijkt dat verdachte ook een belangrijke bijdrage heeft geleverd aan het opmaken van en de verzending van de vals opgemaakte [bedrijf 2] -facturen voor [bedrijf 3] en [bedrijf 4] . [163]
[mailadres 1]. [170]
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De toegepaste wettelijke voorschriften
9.De beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
8 (acht) maanden;
in zijn geheel niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten.
proeftijd van 3 (drie) jarende navolgende voorwaarde niet is nagekomen:
algemene voorwaardedat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
taakstraf, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid voor de duur van
240 (tweehonderdveertig) uren;
vervangende hechteniszal worden toegepast voor de duur van
120 dagen;