ECLI:NL:RBOVE:2021:3094
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling misbruik van recht bij tweede Wob-verzoek inzake vuurwerkrampen
Eiser diende een tweede Wob-verzoek in kort na een uitspraak van de rechtbank over zijn eerste Wob-verzoek inzake documenten over de vuurwerkrampen in Enschede en Culemborg. Verweerder stelde dat dit tweede verzoek misbruik van recht was omdat het verzoek ongespecificeerd en omvangrijk was en de afhandeling van het eerste verzoek frustreerde.
De rechtbank overwoog dat het tweede Wob-verzoek een uitbreiding van het eerste verzoek betrof en dat het indienen ervan binnen de wettelijke beslistermijnen de afhandeling van het eerste verzoek onmogelijk maakte. Het doel van het tweede verzoek, namelijk het verkrijgen van informatie voor nader onderzoek en publicatie, werd niet geloofd omdat het verzoek juist de ontvangst van informatie vertraagde.
Verder concludeerde de rechtbank dat eiser met zijn proceshouding, waaronder het weigeren van gefaseerde afgifte van documenten en het indienen van vergelijkbare omvangrijke verzoeken bij andere bestuursorganen, enkel gericht was op het incasseren van dwangsommen en frustreren van de overheid.
Daarom werd geoordeeld dat eiser zijn bevoegdheid om een Wob-verzoek in te dienen evident met een ander doel had aangewend, wat blijk gaf van kwade trouw. Het tweede Wob-verzoek werd terecht buiten behandeling gesteld en het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat het tweede Wob-verzoek misbruik van recht betreft en terecht buiten behandeling is gesteld.