Eiseres exploiteert een melkrundveehouderij die stikstofdepositie veroorzaakt op Natura 2000-gebieden. Verweerder weigerde een vergunning op grond van de Wet natuurbescherming (Wnb) omdat de aangevraagde situatie zou leiden tot een toename van stikstofdepositie ten opzichte van de referentiesituatie, die verweerder stelde te zijn de melding van 28 februari 2014.
Eiseres betoogde dat deze melding niet bedoeld was om het maximaal toegestane aantal dieren te verlagen en dat de referentiesituatie moet worden ontleend aan een revisievergunning uit 1999. De rechtbank oordeelde dat verweerder onterecht heeft aangenomen dat de melding van 2014 een vermindering van het aantal dieren beoogde, mede gelet op de inhoud van de melding, correspondentie en memo’s.
Hierdoor is het bestreden besluit gebaseerd op een onjuiste grondslag en moet het worden vernietigd. De rechtbank kan niet zelf vaststellen dat voor de aangevraagde situatie geen vergunning vereist is, omdat een actuele AERIUS-berekening ontbreekt. Verweerder moet een nieuw besluit nemen met inachtneming van deze uitspraak.
De rechtbank kende eiseres een proceskostenvergoeding toe en veroordeelde verweerder tot vergoeding van het griffierecht.