ECLI:NL:RVS:2021:1507
Raad van State
- Hoger beroep
- H.C.P. Venema
- J. Hoekstra
- B. Meijer
- Rechtspraak.nl
Vernietiging natuurvergunning wegens ontbreken inspraak bij wijziging varkenshouderij
Het college van gedeputeerde staten van Overijssel verleende op 22 december 2015 een natuurvergunning voor de wijziging van een vleesvarkenshouderij naar een zeugenhouderij. Stichting Leefbaar Buitengebied (SLB) maakte bezwaar en stelde beroep in tegen het besluit, waarbij zij onder meer procedurele en inhoudelijke bezwaren aanvoerde.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar SLB ging in hoger beroep bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het college ten onrechte geen inspraak had geboden bij de vergunningverlening, terwijl dit verplicht is op grond van artikel 6, derde lid, van de Habitatrichtlijn en artikel 6 van Pro het Verdrag van Aarhus. Dit betekende dat de vergunningprocedure niet correct was doorlopen.
Verder werden bezwaren over de referentiesituatie, stikstofdepositie en transportbewegingen beoordeeld, maar deze werden niet gegrond verklaard. De Afdeling vernietigde het besluit van 22 december 2015 en het daaropvolgende besluit van 28 januari 2019 en verklaarde het beroep van SLB gegrond. Het college moet de aanvraag opnieuw beoordelen met inachtneming van de inspraakverplichting.
Daarnaast werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan SLB. De uitspraak benadrukt het belang van correcte procedurele stappen bij vergunningverlening en de toepassing van Europese milieurechtelijke normen.
Uitkomst: Het besluit tot verlening van de natuurvergunning wordt vernietigd wegens het niet bieden van inspraak, en het college moet opnieuw beslissen.