Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.De vordering van de officier van justitie
2.De procedure
tot ontneming is gehandhaafd.
3.De beoordeling van de vordering
4.De wettelijke voorschriften
5.De beslissing
- legt veroordeelde de verplichting op tot betaling van € 455.513,-- aan de Staat ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel;
- bepaalt de duur van de gijzeling die met toepassing van artikel 6:6:25 van Pro het Wetboek van Strafvordering ten hoogste kan worden gevorderd op 1.080 dagen.