Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
[betrokkene],
kantoorhoudende te [vestigingsplaats] ,
DUTCH SILO SOLUTIONS,
wonende te Deventer,
1.De procedure
2.Inleiding
4.Het verzoek
5.De beoordeling
€ 764,85
Rechtbank Overijssel
De werknemer, onder bewind gesteld vanwege lichte verstandelijke en psychische beperkingen, trad op 1 november 2021 in dienst bij de eenmanszaak van zijn vader. De arbeidsovereenkomst was voor onbepaalde tijd, met een afgesproken 16 uur per week tegen een bruto maandsalaris van €796,72. Vanaf februari 2022 werkte de werknemer niet meer, terwijl hij beschikbaar bleef. De werkgever stelde hem niet te werk en betaalde sindsdien geen loon meer, behalve enkele kleine betalingen.
De bewindvoerder verzocht ontbinding van de arbeidsovereenkomst omdat de werknemer geen werk kreeg, geen loon ontving en daardoor niet kon zoeken naar een andere baan of uitkering. De kantonrechter oordeelde dat de omstandigheden billijkheidshalve tot onmiddellijke ontbinding leiden, mede gezien het feit dat de werkgever al eerder had willen beëindigen maar dit niet formeel had geregeld.
De werkgever werd veroordeeld tot betaling van het achterstallige loon en vakantiegeld tot de ontbindingsdatum, verminderd met reeds betaalde bedragen, en tot betaling van de transitievergoeding. De wettelijke rente werd toegewezen over deze bedragen, maar de gevorderde billijke vergoeding werd afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. De proceskosten werden gecompenseerd vanwege de familierelatie tussen partijen.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden en de werkgever wordt veroordeeld tot betaling van achterstallig loon, vakantiegeld en transitievergoeding met wettelijke rente.