ECLI:NL:RBOVE:2024:5159
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank verklaart zich onbevoegd in beroep tegen toekenning coulancevergoeding voor schade aan woning door kanaalwerkzaamheden
Eiser woont aan een adres nabij het kanaal Almelo-De Haandrik en meldde in juni 2020 schade aan zijn woning die hij toeschrijft aan werkzaamheden aan het kanaal. Verweerder, het college van Gedeputeerde Staten van Overijssel, wees de schadeclaim aanvankelijk af, maar kende in oktober 2021 een coulancevergoeding toe van €2.222,77 op basis van een Schaderegeling die autonome schade vergoedt zonder aansprakelijkheid te erkennen.
Na een bezwaarprocedure handhaafde verweerder het besluit en weigerde hij een herziening op grond van een aanvullend rapport. Eiser stelde beroep in tegen dit besluit, maar de rechtbank oordeelde dat de toekenning van de coulancevergoeding een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is en dat het beroep feitelijk een bezwaar tegen een nieuw primair besluit betreft.
De rechtbank stelde vast dat de coulancevergoeding als een vorm van subsidie moet worden beschouwd en dat de bestuursrechter bevoegd is om te oordelen over besluiten tot subsidie, niet over civielrechtelijke schadeclaims. Omdat het beroep niet tegen het juiste besluit was ingesteld, verklaarde de rechtbank zich onbevoegd kennis te nemen van het beroep en verwees eiser terug naar de bezwaarprocedure. Vergoeding van griffierecht of kosten werd niet toegewezen.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het beroep en verwijst eiser naar de bezwaarprocedure.