Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
plea agreement’ tot stand was gekomen tussen de Verenigde Staten van Amerika en [bedrijf 3] . [1] In deze overeenkomst is – onder meer – beschreven dat [bedrijf 3] schuld bekent aan overtreding van anti-corruptiewetgeving en zich verbindt tot betaling van een boete van ruim $ 3.5 miljard.
Panama Papers’ een aangifte inkomstenbelasting van [naam 4] nader beoordeeld was en er in dat kader vragen waren gesteld over een transactie van aandelen in [bedrijf 7] , naar aanleiding waarvan namens [bedrijf 7] een viertal overeenkomsten tussen [bedrijf 7] enerzijds en verschillende entiteiten gelieerd aan [bedrijf 3] anderzijds waren verstrekt.
Supremo Tribunal Federal’, hierna: STF) onherroepelijk heeft geoordeeld dat in Lava Jato ernstige, structurele en onherstelbare inbreuken zijn gemaakt op het recht op een eerlijk proces. Het OM heeft uit Lava Jato verkregen ‘besmet’ bewijsmateriaal ten onrechte als uitgangspunt genomen voor het aannemen van een verdenking jegens verdachte, is op basis daarvan strafrechtelijk onderzoek Maquina gestart en heeft zich daardoor tijdens de opsporing laten leiden.
- een Nederlandse vertaling van een document getiteld ‘Protest 43.007 Distrito Federal’, inhoudende een beslissing van rapporteur-raadsheer [naam 6] d.d. 6 september 2023 ten aanzien van een ‘reclamatie’ ingediend door [naam 7] tegen beslissingen van de rechtbank van het 13e Federale Strafrechtgebied van de gerechtelijke subsectie van Curitiba/PR;
- een Nederlandse vertaling van een document getiteld ‘Verzoekschrift 13.675 Federaal District’, inhoudende een besluit van rapporteur rechter [naam 6] d.d. 2 april 2025 ten aanzien van een ‘verzoek tot uitbreiding’ ingediend door [medeverdachte] en [verdachte] ;
- een in het Engels opgesteld document getiteld ‘Memorandum - Overview of key decisions issued by the Brazilian Supreme Court in the Operation Car Wash’, van [naam 8] , [naam 9] aan [bedrijf 9] N.V. d.d. 11 februari 2026.
plea agreement’, gesloten tussen [bedrijf 3] en de Amerikaanse Department of Justice, en de bijlage getiteld ‘
Statement of facts’ een rol spelen bij het aannemen van een redelijk vermoeden van schuld. Daarnaast blijkt uit het gesprek tussen de Belastingdienst en de FIOD van 11 december 2017 dat op dat moment al vragen bestonden over de gang van zaken bij [bedrijf 7] en hebben ook andere factoren bijgedragen aan het vermoeden, zoals de constatering dat kort na elkaar internationale overeenkomsten werden gesloten zonder dat duidelijk werd waarom een Nederlandse onderneming daartussen zat en de betrokkenheid van offshore entiteiten bij die overeenkomsten. [17]
as a whole’ voldoet aan het door artikel 6 EVRM Pro gewaarborgde recht op een eerlijk proces.
plea agreement’tussen [bedrijf 3] en de Amerikaanse Department of Justice met bijlagen, waaronder de ‘
Statement of facts’, is niet verstrekt door de Braziliaanse autoriteiten. Het OM is daarover komen te beschikken via de openbare website van de Department of Justice. Gesteld noch gebleken is dat deze stukken (in die mate) zijn beïnvloed door (de onregelmatigheden in) het Braziliaanse opsporingsonderzoek dat deze ook moeten worden bestempeld als zijnde ‘besmet’. De omstandigheid dat [bedrijf 3] voordelen heeft gehad bij de totstandkoming van deze ‘
plea agreement’, brengt niet zonder meer met zich dat de inhoud en bijlage als onbetrouwbaar moeten worden aangemerkt. Datzelfde geldt voor de door [naam 2] en [naam 1] afgelegde verklaringen bij de rechter-commissaris in dossier Maquina. Het feit dat deze getuigen hebben geschikt met de Braziliaanse justitie vormt op zichzelf geen aanleiding om te twijfelen aan hun verklaringsvrijheid. Ook eventuele discrepanties tussen eerdere en latere verklaringen en kennelijke fouten in de vertaling leiden niet automatisch tot de conclusie dat een verklaring (in zijn geheel) onbetrouwbaar is.
4.De bewijsmotivering
substance’ hadden. Zo schreef [naam 13] op 6 september 2007 aan [medeverdachte] : ‘
I need to speak with you in ref. to our Brazilian friend. He did not like Natland so he is requiring another counterparty with more substance. We have until tomorrow to send him some other option.’ [31]
an [bedrijf 1] company for an in-out transaction’ en deze samenwerking niet van de grond kwam, stuurde hij op 2 oktober 2008 een e-mail met het onderwerp ‘
FW: Transaction in Venezuela’ naar de Nederlandse onderneming Lievense. In de e-mail schreef [medeverdachte] : ‘
For one of our clients, [bedrijf 3] , we are looking for a Dutch JV partner for a project in Venezuela mainly because of substance reasons. In my opinion your company would be very suitable.’ Bij deze e-mail stuurde [medeverdachte] een toelichting op de betreffende transactie door, die hij op 4 oktober 2008 van [naam 13] had ontvangen. In deze toelichting is - zakelijk weergegeven - het volgende vermeld:
- het gewenste Nederlandse ingenieursbedrijf met lokale aandeelhouder moet ‘lokale inhoud geven aan de structuur’ en personeel ‘uitlenen’ dat de constructie (in Venezuela) kan bezoeken. Er hoeven geen ingenieursdiensten geleverd te worden;
- er moet zowel ‘lokale substance’ zijn als overzees in verband met fiscale regelgeving in Nederland;
- ‘The New Dutch Co’ zal elke dienst uitbesteden aan een ‘Intellectual Property Co’ en hoeft geen activiteiten te leveren anders dan het ondertekenen van een engineeringscontract en subcontract, en;
- de lokale BV ontvangt een vergoeding voor deelname aan de structuur.
Might be good to discuss it with Octavio/Brazilians. WE should do it differently’. [33]
flow of the transaction’), de betrokken partijen en de benodigde overeenkomsten. Ook schreef [naam 13] : ‘
Please let me know a.s.a.p. if the prospect companies (the one related to your father and the one related to [bedrijf 12] - [naam 12] ) accepts to participate in the business (...). [34] De rechtbank leidt uit ‘ [bedrijf 12] - [naam 12] ’ af dat bedoeld is de hiervoor genoemde [naam 12] van [bedrijf 12] .
I propose the following as concerns our correspondence on the [bedrijf 7] and its relationship with [bedrijf 7] B.V.: All instructions will be given to the directors in writing, by me ( [e-mailadres] ) or by my partner [naam 14] (... All correspondence by me/ [naam 14] , [naam 12] and [naam 15] will be sent with copy to the others, so that all of us can be aware of everything’. [37]
- een contract tussen [medeverdachte bedrijf] en [bedrijf 1] and [bedrijf 2] Inc. d.d. 14 juni 2012;
- een contract tussen [medeverdachte bedrijf] en [bedrijf 3] - [bedrijf 3] LTD d.d. 5 juli 2012, en;
- een factuur van [medeverdachte bedrijf] aan [bedrijf 3] - [bedrijf 3] LTD d.d. 16 december 2013 met kenmerk [factuurnummer 2] .
agent’ en [bedrijf 1] als ‘
principal’. Het contract is gedateerd 14 juni 2012 en namens [medeverdachte bedrijf] ondertekend door [verdachte] . Op de overeenkomst is Nederlands recht van toepassing verklaard. Het contract vermeldt dat [medeverdachte bedrijf] ten behoeve en voor risico van [bedrijf 1] doch handelende uit eigen naam een overeenkomst zal aangaan met [bedrijf 3] voor de aankoop van apparatuur, wat als volgt is omschreven:
1.Acting for the account and risk of The Principal as aforesaid, The Agent will enter into the aforementioned agreement with [bedrijf 3] in order to observe the list of suppliers and equipment required by [bedrijf 3] , to support in the identification of manufacturers and suppliers of the equipment as well as to verify, among others, commercial conditions and financing schemes, to plan the logistics on the mobilization of the equipment, as well as any other services detailed in the agreement.’ [42]
equipment procurement agreement’. Verder verzocht ‘ [bijnaam 3] ’ [medeverdachte bedrijf] om - nadat [medeverdachte bedrijf] het geldbedrag heeft ontvangen - de betaling te regelen voor een bedrag van $ 9.131.238,77 met betrekking tot de tevens bijgesloten factuur (invoice) ‘ [bedrijf 1] x [medeverdachte bedrijf] 2013/006’ op grond van het subcontract. Tot slot verzocht ‘ [bijnaam 3] ’ in de mail om een kopie van de Swift-betalingsbevestiging nadat de betaling zou zijn verricht. Met de e-mail zijn de volgende bijlagen verstuurd:
- ‘ [bestandsnaam 1] met Invoice date 10-12-2013’,en
; - ‘ [bestandsnaam 2] .’
Dear Henk,
$ 4.000.000,- zou overmaken via de ING-rekening (de rechtbank begrijpt: van [medeverdachte bedrijf] ). Hierna heeft [medeverdachte] een e-mail naar [naam 11] gestuurd met de opdracht om $ 4.100.000,- over te maken naar ‘ [medeverdachte bedrijf] ing’. [49] [medeverdachte] was tekenbevoegd ten aanzien van de bankrekeningnummer [rekeningnummer 3] ten name van [medeverdachte bedrijf] . [50]
- op 28 januari 2014 een bijschrijving van ruim $ 9.500.000,- van [bedrijf 3] ;
- op 3 maart 2014 een afschrijving van $ 4.000.000,- naar [medeverdachte bedrijf] BW (via [bank] );
- op 3 maart 2014 een afschrijving van $ 3.000.000,- naar het moederbedrijf ( [bedrijf 14] ), dezelfde dag overgeboekt naar [bedrijf 1] ;
- op 3 maart 2014 een afschrijving van ruim $ 2.100.000,- naar [bedrijf 1] ;
- op 7 maart 2014 een bijschrijving van ruim $ 4.000.000,- van [bank] , en;
- op 10 maart 2014 een afschrijving van $ 4.000.000,- naar [bedrijf 1] .
- een contract tussen [medeverdachte bedrijf] en [bedrijf 4] S.A. d.d. 17 juni 2013;
- een contract tussen [bedrijf 5] S.A. en [medeverdachte bedrijf] d.d. 1 juli 2013 met contractnummer [contractnummer] , en;
- een factuur van [medeverdachte bedrijf] aan [bedrijf 5] S.A. d.d. 16 oktober 2014 met kenmerk [factuurnummer 1] .
agency agreement’ tussen [medeverdachte bedrijf] en [bedrijf 4] S.A. (hierna: [bedrijf 4] ) gemaild aan [naam 12] . Het contract is gedateerd 17 juni 2013 en namens [medeverdachte bedrijf] ondertekend door [verdachte] . Op de overeenkomst is Nederlands recht van toepassing verklaard. In het contract staat dat [medeverdachte bedrijf] ten behoeve en voor risico van [bedrijf 4] doch handelende uit eigen naam een overeenkomst zal aangaan met [bedrijf 15] (hierna: [bedrijf 15] SA) voor de aankoop van apparatuur ten behoeve van Tocumen Airport. [medeverdachte bedrijf] ontvangt als commissie - zakelijk gezegd - 4% van de bijbehorende factuur tussen [medeverdachte bedrijf] en [bedrijf 15] SA. De overeengekomen afspraken staan vermeld onder acht verschillende punten, waarbij het volgende staat vermeld onder punt 1:
Acting for the account and risk of The Principal as aforesaid, The Agent will enter into the aforementioned agreement with [bedrijf 15] in order to observe the list of suppliers and equipment required by [bedrijf 15] , to support in the identification of manufacturers and suppliers of the equipment as well as to verify, among others, commercial conditions and financing schemes, to plan the logistics on the mobilization of the equipment, as well as any other services detailed in the agreement.’ [52]
procurement contract’ tussen [bedrijf 15] SA en [medeverdachte bedrijf] aangetroffen. [naam 10] heeft dit contract aan [naam 12] gemaild op 12 juni 2014. De contractdatum betreft 1 juli 2013. Het contract is namens [medeverdachte bedrijf] ondertekend door [verdachte] . Op de overeenkomst is Panamees recht van toepassing verklaard. In het contract staat - zakelijk gezegd - dat [bedrijf 15] SA de opdracht heeft gekregen voor de uitbreiding van luchthaven Tocumen te Panama. Onderdeel daarvan is de inkoop van apparatuur, systemen en faciliteiten die in het project geïnstalleerd moeten worden. In het contract staat dat [bedrijf 15] SA heeft besloten: ‘
to subcontract the procurement and/or assistence for procurement and technical assessment outside Panama’. [medeverdachte bedrijf] is volgens het contract bereid en bewezen bekwaam en deskundig om deze diensten verlenen. [medeverdachte bedrijf] zal 5% ontvangen van het geldbedrag dat aan de leveranciers betaald dient te worden, te betalen in twee termijnen. In ruil daarvoor zal [medeverdachte bedrijf] de volgende werkzaamheden verrichten:
2.2.1 Determination of Equipment, Supplies and Systems
waiver of jury trail’ op verzoek van de raadsman van [medeverdachte bedrijf] is verwijderd. Daarnaast schreef [naam 11] dat [verdachte] een kopie van de getekende versie van het BC-contract op 5 mei 2014 via DHL heeft verstuurd naar [naam 17] . [56]
Bijgaand tref je ter beoordeling aan het Procurement Contract tussen [medeverdachte bedrijf] en [bedrijf 15] de dato juli 2013 inclusief bijlagen. De met track changes aangegeven wijzigingen zijn door mij gemaakt op verzoek van de klant’. De in deze e-mail meegestuurde Word-versie heeft als contractdatum 1 juli 2013. Via ‘track changes’ zijn wijzigingen in het concept bijgehouden. Zo is op twee verschillende plekken het adres van [medeverdachte bedrijf] gewijzigd van [adres 2] naar [adres 3] . Ook zijn wijzigingen gemaakt ten aanzien van de valuta en het van toepassing zijnde recht. Uit de bestandseigenschappen van het Word-document is op te maken dat het concept is gemaakt op 27 maart 2014 door ‘ [naam 19] ’ en op diezelfde datum als laatst is gewijzigd door [naam 10] . [57]
- 17 november 2011 - 24 oktober 2012: [adres 4] ;
- 24 oktober 2012 - 5 juli 2013: [adres 2] , en;
- 5 juli 2013 - 23 augustus 2019: [adres 3] .
an experienced group of highly qualified Engineers, Technicians and Commercial experts to help you achieve your goals.’ Er zijn geen gegevens aangetroffen waaruit volgt dat [medeverdachte bedrijf] over dergelijk gekwalificeerd personeel heeft beschikt. [60]
roofing system’, ‘steel structure’, ‘vertical & horizontal transportion’ en ‘external wall system’. Overeenkomsten tussen [bedrijf 3] en de derde partij waarop de fee van [medeverdachte bedrijf] zou zijn gebaseerd of verzoeken door of namens [medeverdachte bedrijf] / [verdachte] om deze overeenkomsten in te zien, zijn niet aangetroffen. [61]
entered into”) ligt eerder dan de datum dat deze contracten als Word-bestand zijn gecreëerd. Dat is onmogelijk. Gelet daarop is de rechtbank van oordeel dat al deze contracten zijn geantedateerd en dus – in de woorden van de tenlastelegging – een onjuiste datum bevatten. Dat maakt de contracten op dit onderdeel vals.
entered into”). Tot slot is geen enkele correspondentie aangetroffen waaruit kan worden afgeleid dat partijen op een eerder moment mondelinge overeenstemming hebben bereikt.
intentiehad die werkzaamheden werkelijk uit te voeren dan wel uit te besteden en zich daartoe (dus) niet werkelijk heeft verbonden.
- één of meerdere personen gelieerd aan [bedrijf 3] bepaalden met welke partijen [medeverdachte bedrijf] een contract moest aangaan en onder welke voorwaarden;
- [medeverdachte bedrijf] geen rol heeft gehad bij het initiëren en tot stand brengen van een contractuele relatie met de Offshore-entiteiten;
- één of meerdere personen gelieerd aan [bedrijf 3] (de inhoud van) zowel de CB- als de BA-contracten en de bijbehorende facturen hebben aangeleverd, terwijl [bedrijf 3] formeel geen partij was bij de gesloten CB-contracten;
- het BA-contract tussen [medeverdachte bedrijf] en [bedrijf 15] SA en het CB-contract tussen [bedrijf 4] en [medeverdachte bedrijf] van 17 juni 2013 na de contractdatum nog zijn aangepast;
- (personen gelieerd aan) [medeverdachte bedrijf] en [bedrijf 3] in 2014 bespraken dat brieven van [bedrijf 3] geadresseerd aan [medeverdachte bedrijf] gedateerd vóór 30 juni 2013 nog het oude adres van [medeverdachte bedrijf] moesten vermelden en deze brieven dus kennelijk met terugwerkende kracht werden opgesteld of gewijzigd;
- er geen correspondentie in de vorm van bijvoorbeeld e-mailverkeer heeft plaatsgevonden tussen de verschillende partijen over de totstandkoming en inhoud van de contracten en de uit te voeren werkzaamheden, terwijl dergelijke communicatie in het zakelijk handelsverkeer hoogst gebruikelijk en zelfs noodzakelijk is. Zo had bijvoorbeeld correspondentie mogen worden verwacht ter zake de totstandkoming en inhoud van de subcontracten voor het ‘roofing system’, ‘steel structure’, ‘vertical & horizontal transportion’ en ‘external wall system’ en de daarin berekenende geldbedragen, welke contracten überhaupt niet zijn aangetroffen;
- [medeverdachte bedrijf] niet beschikte over gekwalificeerd personeel dat de gecontracteerde werkzaamheden kon uitvoeren;
- één of meerdere personen gelieerd aan [bedrijf 3] bepaalden wanneer betalingen op grond van het BA-contract plaats zouden vinden en betalingsinstructies gaven aan [medeverdachte bedrijf] voor betalingen op grond van het CB-contract;
- één of meerdere personen gelieerd aan [bedrijf 3] zich nadrukkelijk bemoeiden met en instructies gaven over het doen van een betaling door [medeverdachte bedrijf] aan [bedrijf 1] op het moment dat het risico op compliance issues ontstond;
- de ontvangst van de factuursom uit hoofde van het BA-contract en de betaling van de factuursom uit hoofde van het CB-contract telkens zeer kort na elkaar plaatsvonden, en;
- het dossier geen stukken bevat waaruit kan worden afgeleid dat (personen werkzaam voor) [medeverdachte bedrijf] en de door haar gecontracteerde Offshore-entiteiten daadwerkelijk in de contracten genoemde werkzaamheden hebben uitgevoerd.
U heeft orders meegestuurd van [bedrijf 5] [bedrijf 3] S.A. als onderbouwing van transactie USD 1.483.856,88 (29-05-2015). Dit bedrag is echter niet uit de documenten te herleiden. Graag ontvangen we van u hierover een verklaring en verzoeken u alsnog de onderliggende factuur mee te sturen die betrekking heeft op de transactie.’ [67]
,is de rechtbank van oordeel dat het onder de omstandigheden in deze zaak niet anders kan zijn dan dat de betrokken personen die zich bezig hielden met het opstellen, wijzigen, aanpassen en ondertekenen van de contracten en de daarop gestoelde facturen wisten of tenminste bewust de aanmerkelijke kans hebben aanvaard dat de in de contracten vermelde werkzaamheden in werkelijkheid niet werden uitgevoerd of uitbesteed en dat die contracten dus vals waren. Dat geldt ook voor [verdachte] . Al aangenomen dat hij, zoals hij zelf heeft verklaard, de contracten blind tekende, dan nog is onder deze omstandigheden sprake geweest van voorwaardelijk opzet. Hij was immers bestuurder van [medeverdachte bedrijf] en in die hoedanigheid mocht van hem worden verwacht dat hij zich op de hoogte stelde van de inhoud van de contracten die hij ondertekende, temeer nu in deze contracten werkzaamheden werden opgedragen waarvoor [medeverdachte bedrijf] geen gekwalificeerd personeel in dienst had terwijl [medeverdachte bedrijf] er (aanzienlijke) inkomsten uit verkreeg en hijzelf als aandeelhouder ook. Het blind tekenen was een bewuste keuze om de inhoud niet te controleren. Onder deze feiten en omstandigheden heeft [verdachte] naar het oordeel van de rechtbank bewust de aanmerkelijke kans aanvaard dat de contracten vals waren en dus de daarop gestoelde facturen eveneens. Dit geldt ook voor het antedateren van de contracten, nu [verdachte] op zijn minst genomen bewust de aanmerkelijke kans aanvaardde dat de in die contracten vermelde data, die gelet op de e-mailcorrespondentie rondom het werkelijke tijdstip van de ondertekening niet konden kloppen, onjuist waren.
weet(in de zin van onvoorwaardelijk opzet) dat de organisatie tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven. Op basis van het dossier en het verhandelde ter zitting en indachtig het hiervoor onder ‘4.4.2.8 Feitelijke leidinggeven en opzet daarop’ overwogene, staat naar het oordeel van de rechtbank niet buiten redelijke twijfel vast dat [verdachte] dit
onvoorwaardelijkopzet had. De rechtbank spreekt [verdachte] om deze reden vrij van het onder 2 ten laste gelegde.
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
feitelijke leidinggeven aan medeplegen van valsheid in geschrift, begaan door een rechtspersoon, meermalen gepleegd;
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De toegepaste wettelijke voorschriften
9.De beslissing
feitelijke leidinggeven aan medeplegen van valsheid in geschrift, begaan door een rechtspersoon, meermalen gepleegd;
gevangenisstrafvoor de duur van
8 (acht) maanden.