ECLI:NL:RBOVE:2026:3626
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen gedeeltelijke afwijzing handhavingsverzoek tegen eetcafé
Deze bestuursrechtelijke zaak betreft het beroep van een achterbuurvrouw tegen het college van burgemeester en wethouders van Dinkelland inzake een handhavingsverzoek tegen een eetcafé. De eiseres stelde dat het eetcafé handelde in strijd met de Drank- en Horecawet en het bestemmingsplan, met name vanwege een te groot terras en het gebruik van een alcoholvergunning.
Het college wees het verzoek deels af en stelde een dwangsom vast voor het te grote terras. De eiseres betwistte onder meer dat het college een nieuw primair besluit mocht nemen tijdens bezwaar, dat de dwangsom te laag was en dat het gebruik van de alcoholvergunning strijdig was met het bestemmingsplan.
De rechtbank oordeelde dat het college op grond van de Algemene wet bestuursrecht bevoegd was een nieuw primair besluit te nemen, dat de dwangsom van €3.000,- een voldoende prikkel vormde en dat het gebruik van de alcoholvergunning niet in strijd was met het bestemmingsplan. Het beroep werd ongegrond verklaard en het bestreden besluit bleef in stand.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen het college is ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft in stand.