Uitspraak
RECHTBANK Overijssel
1.De procedure
2.Samenvatting
4.Het verzoek en het verweer
5.De beoordeling
€ 331,-, zodat de begroting van de kosten van het deelgeschil sluit op € 5.267,80.
6.De beslissing
13 april 2026.
Rechtbank Overijssel
Op 1 april 2024 vond een ongeval plaats op een T-splitsing in Wierden tussen verzoeker, rijdend op een elektrische fiets, en een automobilist. Verzoeker liep letsel op en vorderde dat MSIG, de verzekeraar van de automobilist, zijn schade volledig zou vergoeden. MSIG erkende reeds 50% aansprakelijkheid.
De rechtbank oordeelde dat op grond van artikel 185 Wegenverkeerswet Pro de gemotoriseerde partij in principe aansprakelijk is voor de schade van de zwakkere verkeersdeelnemer, maar dat een beroep op eigen schuld (artikel 6:101 BW Pro) de aansprakelijkheid kan beperken tot 50%. De rechtbank stelde vast dat verzoeker onvoldoende voorrang verleende en onvoldoende voorzichtig was bij het naderen van de kruising, mede door beperkte zichtbaarheid en fout geparkeerde auto's.
De rechtbank verwierp het verzoek tot volledige vergoeding en een billijkheidscorrectie, omdat de gedragingen van verzoeker substantieel hebben bijgedragen aan het ongeval. De kosten van de deelgeschilprocedure werden gematigd en MSIG werd veroordeeld tot betaling van 50% van de begrote kosten aan verzoeker.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek af en stelt de aansprakelijkheid van MSIG op 50%, zonder toepassing van billijkheidscorrectie.