ECLI:NL:RBROE:2009:BK9664
Rechtbank Roermond
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Hoofdelijke aansprakelijkheid of borgtocht bij kredietovereenkomst met Angar B.V.
Op 15 augustus 2005 sloot ABN AMRO Bank een kredietovereenkomst met Angar B.V. ter hoogte van EUR 25.000 voor bedrijfsfinanciering. [gedaagde 2] stelde zich hoofdelijk aansprakelijk voor de verplichtingen uit deze overeenkomst. Na het ontstaan van een debetsaldo van EUR 27.130,61 en meerdere aanmaningen, vorderde de bank betaling van dit bedrag plus incassokosten en rente.
De kern van het geschil betrof de aard van de aansprakelijkheid van [gedaagde 2]: was sprake van hoofdelijke aansprakelijkheid of van borgtocht? De rechtbank stelde vast dat de gebruikte bewoordingen in de overeenkomst niet doorslaggevend zijn, maar dat het erom gaat of de schuldeiser wist dat slechts zekerheid werd gesteld. Gezien de situatie met één kredietnemer en het ontbreken van draagplicht van [gedaagde 2], kwalificeerde de rechtbank de aansprakelijkheid als borgtocht.
Verder werd geoordeeld dat de bank aan haar verplichtingen had voldaan door Angar B.V. meerdere malen aan te manen en [gedaagde 2] tijdig te informeren. Het verweer van [gedaagde 2] dat zij niet aansprakelijk was omdat de hoofdschuldenaar niet eerst was aangesproken, werd verworpen. Ook het beroep op het ontbreken van toestemming van de echtgenoot werd afgewezen op grond van artikel 1:88 lid 5 BW Pro.
De rechtbank veroordeelde Angar B.V. en [gedaagde 2] hoofdelijk tot betaling van EUR 28.686,32, vermeerderd met contractuele rente vanaf 18 december 2008, en in de proceskosten. De vordering tot vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten werd afgewezen omdat deze niet voldoende waren gespecificeerd.
Uitkomst: Angar B.V. en [gedaagde 2] worden hoofdelijk veroordeeld tot betaling van EUR 28.686,32 met rente en proceskosten.