ECLI:NL:RBROT:2006:AV7272
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over boete wegens onvoldoende schoonhouden bedrijfsruimte bakkerij
Eiser exploiteert een bakkerij en kreeg een boete van €1.350 opgelegd door de minister van Volksgezondheid wegens het niet schoonhouden van de bedrijfsruimte. Eerder waren waarschuwingen gegeven na inspecties in juni en november 2003. In september 2004 constateerde een controleambtenaar opnieuw verontreinigingen zoals schimmel, vettige aanslag en ontbrekende plafondplaten.
Eiser voerde aan dat hij handelde volgens de hygiënecode en dat verweerder onvoldoende meedenkt over hoe aan de regels kan worden voldaan. Ook stelde hij dat de overtredingen gering waren en dat hij na elke waarschuwing maatregelen heeft getroffen, waaronder vernieuwing van vloeren, plafonds en wanden.
De rechtbank oordeelt dat het volgen van de hygiënecode niet automatisch betekent dat aan de wettelijke schoonheidsnormen is voldaan. De geconstateerde verontreinigingen zijn voldoende om de overtreding aan eiser toe te rekenen. De boete is terecht opgelegd en niet disproportioneel gezien de herhaling en het voedselveiligheidsrisico. Het beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de boete wegens onvoldoende schoonhouden van de bakkerij wordt ongegrond verklaard.