ECLI:NL:RBROT:2008:BD5545
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling renvooiprocedure en verificatie vorderingen in faillissement Plaid Beheer
In deze civiele zaak oordeelt de Rechtbank Rotterdam over een renvooiprocedure betreffende de verificatie van vorderingen in het faillissement van Plaid Beheer B.V. Plaid Inc., de Amerikaanse moedermaatschappij, had een support letter afgegeven waarin zij toezegde financiële steun te verlenen aan Plaid Beheer tot 31 december 2002. De curator van Plaid Beheer betwistte de rangorde van de vorderingen van Plaid Inc. en stelde dat deze achtergesteld dienen te worden.
De rechtbank stelt vast dat de support letter onder Nederlands recht valt, aangezien Plaid Beheer een Nederlandse vennootschap is en de verklaring nauw verbonden is met het Nederlandse vennootschapsrecht en de jaarrekening. De support letter creëert een afdwingbare verplichting voor Plaid Inc. om financiële middelen te verschaffen voor schulden die opeisbaar zijn tot eind 2002.
De rechtbank wijst het beroep op achterstelling van de vorderingen van Plaid Inc. af, omdat de support letter geen grond biedt voor achterstelling en er geen feiten zijn die een andere uitleg rechtvaardigen. Ook het beroep op verrekening wordt verworpen. De vordering van Plaid Inc. wordt erkend als concurrente vordering tot een bedrag van €8.719.669,--.
De rechtbank houdt verdere beslissingen aan en stelt partijen in de gelegenheid om nadere specificaties en onderbouwingen te verstrekken. Tevens wordt de mogelijkheid van tussentijds hoger beroep opengehouden. De uitspraak benadrukt het belang van de support letter als een bindende financiële toezegging binnen het concern.
Uitkomst: De vordering van Plaid Inc. wordt erkend als concurrente vordering zonder achterstelling tot een bedrag van €8.719.669,--.