ECLI:NL:RBROT:2012:BX1237
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vorderingen wegens schending zorgplicht bank in Ponzi-zwendel ondanks normschending
De rechtbank Rotterdam behandelde een civiele zaak waarin eisers stelden dat Fortis Bank (nu ABN AMRO) haar maatschappelijke zorgplicht had geschonden door het ter beschikking stellen en het niet tijdig beëindigen van betaalrekeningen die werden gebruikt voor een Ponzi-zwendel van [persoon 1]. De bank had volgens eisers moeten ingrijpen vanwege de omvang en aard van de transacties, die miljoenen euro's omvatten en gepaard gingen met ongebruikelijke omschrijvingen.
De rechtbank stelde vast dat Fortis inderdaad onvoldoende oplettendheid betrachtte en haar zorgplicht schond door het betalingsverkeer niet te onderzoeken, ondanks signalen en de betrokkenheid van bankmedewerkers. Toch oordeelde de rechtbank dat eisers zich door hun intensieve betrokkenheid bij de Ponzi-zwendel en het nemen van grote risico's hadden onttrokken aan de bescherming van de zorgplicht, waardoor het relativiteitsvereiste niet was voldaan.
De vorderingen jegens de bank werden daarom afgewezen. Ook de vorderingen tegen [gedaagde 2], bestuurder van Fortis in de relevante periode, werden afgewezen wegens gebrek aan concrete feiten voor persoonlijke aansprakelijkheid. De rechtbank veroordeelde eisers tot betaling van proceskosten en verklaarde het vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Vorderingen wegens schending zorgplicht bank worden afgewezen wegens niet voldaan relativiteitsvereiste en eigen betrokkenheid eisers.