ECLI:NL:RBROT:2013:BZ2125
Rechtbank Rotterdam
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen rechters meervoudige strafkamer rechtbank Rotterdam
Verzoeker heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen de rechters van de meervoudige strafkamer van de rechtbank Rotterdam naar aanleiding van vermeende onjuistheden in het proces-verbaal van de zitting van 7 februari 2013.
De raadsman van verzoeker had verzocht om toevoeging van de griffiersaantekeningen aan het dossier, maar de wrakingskamer weigerde dit zonder eerst de voorzitter van de meervoudige strafkamer om een reactie te vragen. Verzoeker vreesde hierdoor vooringenomenheid en gebrek aan onpartijdigheid.
De wrakingskamer oordeelde dat er geen noodzaak bestond om de griffiersaantekeningen te betrekken bij de beoordeling, omdat het proces-verbaal en andere stukken voldoende waren en het verzoek tot verbetering van het proces-verbaal nog in behandeling was.
Er werd geen objectief gerechtvaardigde schijn van partijdigheid vastgesteld, ook niet door het ontbreken van een reactie van de voorzitter of het feit dat een gewraakte rechter niet het woord voerde.
Het wrakingsverzoek werd daarom afgewezen en de rechters werden geacht onpartijdig te zijn.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechters van de meervoudige strafkamer is afgewezen wegens ontbreken van objectieve aanwijzingen voor vooringenomenheid of gebrek aan onpartijdigheid.