ECLI:NL:RBROT:2013:BZ3908
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor langdurige cocaïnehandel aan psychiatrische patiënten
De rechtbank Rotterdam heeft verdachte schuldig bevonden aan het gedurende de periode van 23 mei 2011 tot 23 mei 2012 opzettelijk vervoeren, verkopen, afleveren en verstrekken van gebruikers- en dealershoeveelheden cocaïne aan patiënten van het Delta Psychiatrisch Centrum in Poortugaal. Het bewijs bestond uit verklaringen van getuigen, waaronder gebruikers en een beveiliger, politieprocessen-verbaal, telefoniegegevens en het aantreffen van geld en luxe goederen in de woning van verdachte.
De verdediging voerde onder meer aan dat onvoldoende bewijs bestond voor de aanwezigheid van cocaïne en dat verklaringen van gebruikers niet zonder meer als bewijs konden worden gebruikt. De rechtbank oordeelde echter dat de verklaringen voldoende steun vonden in andere bewijsmiddelen en dat verdachte daadwerkelijk cocaïne had verhandeld.
Bij de strafoplegging hield de rechtbank rekening met de ernst van het feit, de kwetsbaarheid van de afnemers, de maatschappelijke overlast en de persoonlijke omstandigheden van verdachte, waaronder financiële problemen en mogelijke problematisch drugsgebruik. Daarom werd een gevangenisstraf van 24 maanden opgelegd, waarvan 8 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar en reclasseringstoezicht.
Daarnaast werd de tenuitvoerlegging van een eerdere voorwaardelijke gevangenisstraf van twee maanden bevolen wegens het plegen van een nieuw strafbaar feit binnen de proeftijd. De rechtbank wees de vordering tot verbeurdverklaring van bepaalde luxe goederen toe, maar gelastte de bewaring van andere in beslag genomen voorwerpen ten behoeve van de rechthebbende.
Het vonnis is gewezen door drie rechters, waarbij twee rechters wegens afwezigheid het vonnis niet mede hebben ondertekend.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 24 maanden gevangenisstraf, waarvan 8 maanden voorwaardelijk met reclasseringstoezicht.