Uitspraak
1.Het verloop van de procedure
2.De vaststaande feiten
3.Het verzoek
Verzoekster is bereid een vergoeding van € 40.000,00 bruto aan verweerder toe te kennen, waarin de wettelijke transitievergoeding wordt geacht te zijn inbegrepen.
Rechtbank Rotterdam
Verzoekster, Cabot B.V., verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst met verweerder, een operator in dienst sinds 2001, vanwege een verschil van inzicht over de uitvoering van werkzaamheden dat heeft geleid tot een verstoorde arbeidsverhouding. Partijen hebben geprobeerd het geschil op te lossen, maar vruchtbare samenwerking bleek niet meer mogelijk. Verzoekster erkent dat verweerder geen verwijt treft en dat herplaatsing niet mogelijk is.
Verweerder erkent de verstoorde relatie, betwist verwijt en verzet zich primair tegen ontbinding. Subsidiair stemt hij in met een vergoeding ter compensatie van inkomensschade, inclusief de wettelijke transitievergoeding.
De kantonrechter oordeelt dat ondanks een opzegverbod wegens ziekte, ontbinding mogelijk is omdat het verzoek niet verband houdt met de ziekte. Ontbinding wordt toegestaan op grond van artikel 7:671b lid 1 jo 7:669 lid 3 sub g BW, aangezien sprake is van een redelijke grond en herplaatsing niet mogelijk is. De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 november 2015, met inachtneming van de opzegtermijn.
Een billijke vergoeding wordt niet toegekend omdat geen ernstig verwijtbaar handelen van de werkgever is vastgesteld. Wel wordt de vergoeding van €40.000 bruto toegekend, waarin de transitievergoeding is inbegrepen, omdat partijen hierover overeenstemming hebben bereikt. Beide partijen dragen hun eigen proceskosten.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 november 2015 met een vergoeding van €40.000 bruto, inclusief transitievergoeding.