ECLI:NL:RBROT:2015:9679
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstandsaanvraag wegens onduidelijke woonsituatie na meerdere huisbezoeken
Verzoekster heeft meerdere keren een bijstandsuitkering aangevraagd als eenoudergezin, maar telkens werd haar aanvraag afgewezen omdat haar woonsituatie niet kon worden vastgesteld. Eerder huisbezoeken aan opgegeven adressen leverden onvoldoende aanwijzingen op dat verzoekster daadwerkelijk op die adressen woonde met haar kinderen.
Bij de derde aanvraag gaf verzoekster aan weer bij haar ouders te wonen. Tijdens een huisbezoek constateerden bijstandsconsulenten tal van onduidelijkheden en tegenstrijdigheden in haar verklaringen en de feitelijke situatie, zoals het gebruik van slaapkamers, de verblijfplaats van een wieg en het ontbreken van babyspullen. Deze bevindingen maakten het niet aannemelijk dat zij daadwerkelijk woonachtig was op het opgegeven adres.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het op verzoekster ligt om voldoende informatie te verstrekken en medewerking te verlenen aan onderzoek. Nu zij dit niet aannemelijk heeft gemaakt en de rapportage niet is weersproken, kan het recht op bijstand niet worden vastgesteld. Het verzoek om voorlopige voorziening werd daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de afwijzing van de bijstandsaanvraag wordt afgewezen wegens onvoldoende aannemelijkheid van de woonsituatie.