Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
STAR OGP Projects B.V.,
Rechtbank Rotterdam
Star OGP Projects B.V. verzocht de kantonrechter om ontbinding van de arbeidsovereenkomst met haar werknemer, een projectmanager, primair wegens bedrijfseconomische omstandigheden. Het UWV had eerder geweigerd toestemming te verlenen voor ontslag, omdat onvoldoende aannemelijk was gemaakt dat de arbeidsplaats structureel zou vervallen.
De kantonrechter oordeelde dat ondanks de weigering van het UWV, de arbeidsovereenkomst ontbonden kon worden omdat de arbeidsplaats van de werknemer noodzakelijkerwijs zou vervallen binnen een periode van ten minste 26 weken. Dit werd onderbouwd met het feit dat de werknemer in de voorafgaande 55 maanden slechts 8 maanden daadwerkelijk op projecten was ingezet en dat herplaatsing binnen een redelijke termijn niet mogelijk was.
Star had zich ingespannen om de werknemer bij opdrachtgevers te plaatsen, inclusief begeleiding en het aanpassen van zijn CV, maar zonder succes. De werknemer zelf had ook onvoldoende initiatieven genomen om zijn positie te verbeteren. De kantonrechter vond dat bijscholing vanwege de leeftijd en kosten niet opwoog tegen het mogelijke profijt.
De arbeidsovereenkomst werd ontbonden per 1 november 2016 en de werknemer kreeg recht op een transitievergoeding van € 14.818,86 bruto. Beide partijen dragen hun eigen proceskosten.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 november 2016 en de werkgever moet een transitievergoeding van € 14.818,86 bruto betalen.