Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
uitspraak van de meervoudige kamer van 14 februari 2017 in de zaak tussen
[eiseres], te [woonplaats], eiseres,
de heffingsambtenaar van de gemeente Rotterdam, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
“De verlaging of de verhoging van de WOZ-waarde heeft consequenties voor de aanslagoplegging voor de bezwaarmaker. Wanneer de bij de WOZ-beschikking vastgestelde waarde wordt verminderd of juist verhoogd, moeten de aanslagen die al zijn opgelegd op basis van de te hoge of te lage waarde op grond van de Algemene wet inzake rijksbelastingen binnen acht weken nadat de beschikking onherroepelijk is geworden, worden verminderd dan wel verhoogd. Dit geldt voor alle aanslagen die zijn gebaseerd op de WOZ-waarde op de betreffende beschikking. Bij navordering geldt niet het vereiste dat sprake moet zijn van een nieuw feit.”
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
- verklaart het bezwaar gegrond, stelt de WOZ-waarde van de onroerende zaak Schiedamsesingel 309 te Rotterdam voor het belastingjaar 2016 (met waardepeildatum 1 januari 2015) vast op € 137.000,- en bepaalt dat deze uitspraak in zoverre in de plaats treedt van de beschikking;
- bepaalt dat verweerder aan eiseres het betaalde griffierecht van € 46,- vergoedt.