Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
[appellant sub 2],
[appellant sub 3],
[appellant sub 4],
[appellant sub 5],
[appellant sub 6],
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Rotterdam
Appellanten, bestuurders van Stichting Bedrijvencentrum Drechtsteden (BCD), zijn in hoger beroep gegaan tegen een beschikking van de rechter-commissaris die hun verzoeken tot het beëindigen van het onderzoek door de curator afwees. De curator is belast met het beheer en de vereffening van de failliete boedel, maar ook met een onderzoek naar de oorzaken van het faillissement, waaronder mogelijke aansprakelijkheid van bestuurders.
De rechtbank overweegt dat de curator bij zijn taakuitoefening rekening moet houden met het belang van de boedel, maar ook met maatschappelijke belangen en die van de gefailleerde en schuldeisers. De Wet versterking positie curator, die na het faillissement in werking trad, bevestigt deze bredere taakopvatting. Het onderzoek naar oorzaken en aansprakelijkheid is essentieel voordat het faillissement kan worden afgewikkeld.
Appellanten stelden dat het onderzoek niet in het belang van de boedel is, omdat er een surplus is en verdere procedures het boedelactief zouden verminderen. De rechtbank oordeelt echter dat het maatschappelijke belang van het oorzakenonderzoek zwaarder weegt en dat het onderzoek slechts beperkt extra werkzaamheden vergt. Ook het verzoek om het onderzoek alleen in het faillissement van de nauw verweven stichting BCS voort te zetten, wordt afgewezen.
De rechtbank bekrachtigt de beschikking van de rechter-commissaris en wijst het beroep van appellanten af, waarmee de curator bevoegd blijft zijn onderzoek voort te zetten.
Uitkomst: De rechtbank bekrachtigt de beschikking van de rechter-commissaris en wijst het beroep van de bestuurders af, waardoor de curator zijn onderzoek naar oorzaken van het faillissement mag voortzetten.