ECLI:NL:RBROT:2017:9545
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing woonkostentoeslag wegens onvoldoende inspanning tot verhuizing
Eiseres, een bijstandsgerechtigde, ontving eerder woonkostentoeslag met een verhuisplicht tot eind 2015. Voor 2016 werd haar aanvraag afgewezen omdat zij zich onvoldoende zou hebben ingespannen om goedkopere woonruimte te vinden. De rechtbank oordeelt dat de verhuisplicht haar bij de aanvraag voor 2016 wel kan worden tegengeworpen, omdat de extra woonlasten niet langer als bijzondere noodzakelijke kosten gelden.
De rechtbank stelt vast dat eiseres niet voldoende heeft gereageerd op aangeboden woningen in de urgentieperiode, onder meer door prioriteit te geven aan een vakantie en een feest, en dat zij geen bewijs leverde voor verhindering bij bezichtigingen. Ook werd de gedwongen verkoop van haar koopwoning niet doorgezet, waardoor hoge woonlasten bleven bestaan.
Het beroep van eiseres op eerdere jurisprudentie over maatregelwaardige gedragingen wordt verworpen omdat die niet van toepassing is op deze situatie. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst de woonkostentoeslag voor 2016 af.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de woonkostentoeslag voor 2016 is ongegrond verklaard wegens onvoldoende inspanning tot verhuizing.