Eiser is sinds 1997 in dienst bij Pinta Nieuwburg en werd op 30 augustus 2017 op staande voet ontslagen vanwege ongeoorloofd verzuim op 29 augustus 2017. Eiser was niet op het werk verschenen na vakantie en had volgens werkgever onvoldoende gecommuniceerd over zijn afwezigheid. Eiser stelde dat hij door autopech vertraagd was en probeerde zijn werkgever te informeren, maar dit bericht was niet aangekomen.
De kantonrechter oordeelt dat het niet verschijnen op het werk in beginsel een dringende reden kan zijn voor ontslag op staande voet, maar dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de vertraging niet aan hem kan worden toegerekend. De werkgever mocht er op vertrouwen dat eiser op tijd zou verschijnen, maar eiser had niet tijdig contact opgenomen om de situatie te melden.
Verder blijkt uit het dossier dat eiser vaker op zijn werkhouding en tempo is aangesproken, maar dat werkgever onvoldoende concreet was in haar verwachtingen en eerder geen maatregelen heeft genomen. Gezien de lange diensttijd en persoonlijke omstandigheden van eiser, acht de kantonrechter het ontslag op staande voet niet gerechtvaardigd.
Daarom wordt het ontslag vernietigd, wordt eiser toegelaten tot zijn werk en wordt werkgever veroordeeld tot doorbetaling van loon vanaf 30 augustus 2017. De gevorderde wettelijke verhoging wordt gematigd tot 0%. Proceskosten worden gecompenseerd.