Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- het verzoekschrift, met producties,
- het verweerschrift met producties,
- de mondelinge behandeling ter openbare zitting van 16 november 2017,
- de pleitnotitie van [verzoekster] .
Rechtbank Rotterdam
Op 4 april 2003 raakte de bestuurder van een bij Allianz verzekerde auto in een slip, waarbij twee inzittenden overleden en vier, waaronder verzoekster, ernstig gewond raakten. Allianz erkende volledige aansprakelijkheid. Diverse medische expertises, waaronder neurologisch en neuropsychologisch onderzoek, werden uitgevoerd om de gevolgen van het ongeval vast te stellen.
De neuropsycholoog stelde cognitieve stoornissen vast, maar het onderzoek toonde ook onderpresteren aan, wat de betrouwbaarheid van de testresultaten betwistbaar maakt. Allianz betwistte de bindende waarde van deze rapporten en verzocht om een nieuwe expertise. De rechtbank beoordeelde dat de rapporten onvoldoende inzichtelijk en consistent waren, met name omdat het onderpresteren niet adequaat werd verklaard.
De rechtbank wees het verzoek van verzoekster af om de rapporten als uitgangspunt te nemen en bepaalde dat Allianz hier niet aan gebonden is. Het verzoek tot een nieuwe expertise werd afgewezen omdat verzoekster daartoe niet verplicht is. De kosten van de procedure werden begroot en toegewezen aan verzoekster, aangezien Allianz de aansprakelijkheid erkende.
Uitkomst: De rechtbank oordeelt dat Allianz niet gebonden is aan de neuropsychologische rapporten en wijst het verzoek van verzoekster af.