ECLI:NL:RBROT:2017:9881
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- L.A.C. van Nifterick
- P. Vrolijk
- M.G.L. de Vette
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bestuurlijke boete wegens overtreding medewerkingsplicht aan DNB
De zaak betreft een beroep tegen een bestuurlijke boete van €75.000,- opgelegd door De Nederlandsche Bank (DNB) aan eiseres 1 en eiseres 2 wegens overtreding van artikel 5:20, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), de medewerkingsplicht. DNB had informatie gevorderd in het kader van een onderzoek naar vermoedelijke illegale geldtransfers en overtreding van artikel 2:3a van de Wet op het financieel toezicht (Wft).
Eiseres 1 en 2 hadden zich beroepen op het zwijgrecht en voldeden niet volledig aan de informatievorderingen, ondanks opgelegde lasten onder dwangsom. DNB legde daarop bestuurlijke boetes op. De rechtbank oordeelt dat DNB terecht de boete heeft opgelegd omdat de gevorderde informatie van belang was voor het toezicht en niet wilsafhankelijk materiaal betrof, waardoor het zwijgrecht niet werd geschonden.
Verder verwierp de rechtbank de stelling dat het opleggen van de boete in strijd was met artikel 6 en Pro 13 EVRM. Ook het argument dat de boete niet gedragen kon worden faalde, omdat eiseres onvoldoende gegevens over hun draagkracht hadden verstrekt. De rechtbank bevestigt het bestreden besluit en verklaart het beroep ongegrond.
Uitkomst: De rechtbank bevestigt de bestuurlijke boete van €75.000,- wegens overtreding van de medewerkingsplicht door eiseres 1 en 2.