Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
IPS Group B.V.,
Rechtbank Rotterdam
De kantonrechter te Rotterdam behandelde het verzoek van IPS Group B.V. tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst met [verweerster], die sinds 2008 als project engineer werkzaam was. De arbeidsovereenkomst werd ontbonden wegens een verstoorde arbeidsverhouding, waar partijen het over eens waren.
Er speelde een geschil over de re-integratie van [verweerster] na ziekte, waarbij IPS wilde dat zij in Tilburg re-integreerde terwijl zij dit als te belastend ervoer. Het UWV oordeelde dat het aanbod om in Tilburg te re-integreren niet passend was vanwege de reistijd en onvoldoende onderbouwing door IPS waarom re-integratie in Schiedam niet mogelijk was.
IPS verwijt [verweerster] niet mee te werken aan re-integratie en het verstoren van de arbeidsverhouding via een e-mail, maar deze verwijten werden door de kantonrechter ongegrond verklaard. De kantonrechter oordeelde dat IPS ernstig verwijtbaar heeft gehandeld door ondanks het UWV-oordeel te blijven aandringen op re-integratie in Tilburg.
De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 augustus 2018. [Verweerster] heeft recht op een transitievergoeding van €16.465,00 en een billijke vergoeding van €10.000,00 wegens het ernstig verwijtbaar handelen van IPS. De kosten van de procedure worden in beginsel door partijen zelf gedragen, tenzij IPS het verzoek tijdig intrekt.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 augustus 2018 met toekenning van een transitievergoeding van €16.465 en een billijke vergoeding van €10.000 aan [verweerster].