Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.Het verloop van de procedure
- het verzoekschrift van RSC, en de producties 1 tot en met 14;
- het verweerschrift van [verweerder] , en de producties 1 tot en met 3.
Rechtbank Rotterdam
Rail Service Center Rotterdam (RSC) verzocht de kantonrechter om de arbeidsovereenkomst met haar werknemer te ontbinden op grond van herhaaldelijk niet verschijnen op het werk en ontkenning van een alcoholprobleem, wat leidde tot een vertrouwensbreuk. De werknemer was sinds 2001 in dienst en had een functie met veiligheidsrisico's, waarbij RSC een strikt zero tolerance beleid voerde ten aanzien van alcohol en drugs.
De werknemer meldde zich meerdere keren ziek en vertoonde problematisch gedrag, waaronder het niet tijdig verschijnen op het werk en het onder invloed zijn tijdens een gesprek. Testen toonden een hoog alcoholpromillage en THC-gehalte aan. RSC stelde dat de ontbinding gerechtvaardigd was vanwege het ontkennende gedrag en het weigeren van hulp, ondanks het opzegverbod wegens ziekte.
De kantonrechter erkende dat de alcoholproblematiek als ziekte kan worden aangemerkt, maar oordeelde dat het verzoek tot ontbinding onvoldoende verband hield met de ziekte zelf en dat het opzegverbod daarom niet van toepassing was. Gezien het lange dienstverband zonder eerdere problemen en de bereidheid van de werknemer tot behandeling en aanpassing van werkzaamheden, vond de rechter dat de arbeidsrelatie niet zodanig was verstoord dat ontbinding gerechtvaardigd was.
Daarom werd het verzoek afgewezen en werden de proceskosten gecompenseerd, waarbij elke partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Het verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst wordt afgewezen.