ECLI:NL:RBROT:2018:6261
Rechtbank Rotterdam
- Bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke boete opgelegd door AFM in strijd met gelijkheidsbeginsel
De AFM legde eiser een bestuurlijke boete van €125.000,- op wegens feitelijk leidinggeven aan overtredingen van artikel 4:11 Wft Pro door een beleggingsonderneming. Eiser betoogde dat het opleggen van een boete aan hem, terwijl andere feitelijk leidinggevers slechts een waarschuwing kregen, in strijd is met het gelijkheidsbeginsel.
De rechtbank stelt vast dat hoewel de AFM bevoegd is een boete op te leggen, het gelijkheidsbeginsel vereist dat vergelijkbare gevallen gelijk worden behandeld. De AFM kon niet aannemelijk maken dat het grote verschil in behandeling tussen eiser en de andere feitelijk leidinggevers gerechtvaardigd was. Dit leidde tot vernietiging van het boetebesluit en herroeping van het primaire besluit.
De rechtbank veroordeelde de AFM tevens tot vergoeding van het door eiser betaalde griffierecht en proceskosten voor rechtsbijstand en reisuren. De overige beroepsgronden werden niet beoordeeld omdat het beroep gegrond werd verklaard op het gelijkheidsbeginsel.
Uitkomst: Het boetebesluit van de AFM tegen eiser wordt vernietigd wegens strijd met het gelijkheidsbeginsel.