ECLI:NL:RBROT:2018:8920
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen waarschuwing op basis van beleidsregel
Eiser kreeg op 24 augustus 2016 een wijkverbod van drie dagen opgelegd wegens hinderlijk gedrag nabij woningen op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening Rotterdam 2012 (APV). Na bezwaar werd dit besluit herroepen en vervangen door een bestuurlijke waarschuwing van zes maanden, gebaseerd op een beleidsregel over overlastgevende personen.
Eiser stelde dat hij nog procesbelang had bij de beoordeling van de waarschuwing omdat deze zijn eer en goede naam aantastte. De rechtbank bevestigde dit procesbelang, verwijzend naar vaste jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De rechtbank oordeelde echter dat de waarschuwing geen besluit in de zin van de Awb is omdat deze niet op een wettelijk voorschrift maar op een beleidsregel is gebaseerd. Hierdoor is het beroep tegen de waarschuwing niet-ontvankelijk verklaard. Ook het beroep tegen overige onderdelen van het bestreden besluit werd niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang.
Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de Rechtbank Rotterdam op 1 november 2018.
Uitkomst: Het beroep tegen de bestuurlijke waarschuwing is niet-ontvankelijk verklaard omdat deze niet op een wettelijk voorschrift is gebaseerd.