Werknemer was sinds 1985 in dienst als CNC frezer op een grote freesmachine. Na uitval wegens schouderklachten in 2014 en een operatie in 2015, hervatte hij in 2016 zijn werk op een kleinere freesmachine met aangepaste werkzaamheden en een lager loon. Diverse arbeidsdeskundigen stelden vast dat werknemer ongeschikt was voor zijn oorspronkelijke functie, maar geschikt voor het aangepaste werk.
Werkgever betaalde na 104 weken ziekte slechts 70% van het loon voor de aangepaste werkzaamheden en stelde dat de arbeidsovereenkomst niet was gewijzigd. Werknemer vorderde loonbetaling conform zijn oorspronkelijke loon en stelde dat de passende arbeid stilzwijgend de nieuwe bedongen arbeid was geworden.
De kantonrechter oordeelde dat na meer dan 2,5 jaar volledige werkzaamheden op de kleine machine en instemming van werknemer met het lagere loon, sprake is van stilzwijgende wijziging van de arbeidsovereenkomst. Hierdoor is de passende arbeid de nieuwe bedongen arbeid geworden en heeft werknemer bij ziekte opnieuw recht op loondoorbetaling.
Werkgever werd veroordeeld tot betaling van het niet uitbetaalde loon, wettelijke rente, een gematigde wettelijke verhoging en buitengerechtelijke incassokosten. De subsidiaire vordering van werkgever tot terugvordering van WIA-bodemuitkering werd afgewezen. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.