Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
- het verzoekschrift met bijlagen van de man, ingekomen op 19 oktober 2018;
- het verweerschrift tevens zelfstandig verzoek van de vrouw, ingekomen op 2 januari 2019;
- de brief met bijlagen van de zijde van de vrouw van 1 mei 2019;
- de brief met bijlagen van de zijde van de man van 2 mei 2019;
- de brief met bijlagen van de zijde van de man van 18 mei;
- de brief met bijlagen van de zijde van de man van 24 mei 2019.
- de man met zijn advocaat mr. Jonkman;
- de vrouw met haar advocaat mr. Konijnenburg- de Heer.
2.De beoordeling
Uitsluiting gemeenschap van goederen
Verrekening periodiek.
Per het einde van elk kalenderjaar voegen de echtgenoten samen wat van hun inkomen, na aftrek van de kosten van de huishouding en van de belastingen en premies, alles in de verhouding waarin die volgens het bepaalde in artikel 3 door Pro de desbetreffende echtgenoot moeten worden gedragen, onverteerd is en delen zij dat bij helfte.
- [rekeningnummer vrouw 1]
- [rekeningnummer vrouw 2]
- [naam rekeningnummer]
- Persoonlijke lening bij ouders
Overlijdensrisico [polisnummer]
Postbank [rekeningnummer man]
- de wijze van verdeling van de eenvoudige gemeenschappen te gelasten;
- de huwelijkse voorwaarden af te wikkelen met veroordeling tot het doen van betalingen die uit de verrekening voortkomen;
- te bepalen dat de vrouw een bedrag aan de man dient te betalen op grond van vergoedingsrechten, regresrechten, dan wel onverschuldigde betaling.
€ 672.500,-, waarbij de man de hypothecaire lening voor zijn rekening zal nemen en de overlijdensrisicoverzekering zal voortzetten. Daarnaast verzoekt de man te bepalen dat een bedrag van € 286.145,49 uit de overwaarde van de woning aan hem toekomt wegens vergoedingsrechten.
€ 138.000,- heeft aangewend ter verkrijging van de echtelijke woning, waardoor een vergoedingsrecht voor de man is ontstaan. Op 24 december 2003 heeft de man immers de woning aan de [adres] , die hem volledig in eigendom toebehoorde, verkocht. Een deel van de overwaarde op deze woning heeft de man geïnvesteerd in de echtelijke woning. Op grond van de gewijzigde huwelijkse voorwaarden wordt (de overwaarde van) de woning aan de [adres] niet op enige wijze in de verrekening betrokken.
€ 138.000,- toekomt aan de man.
€ 30.000,-. Na de verkoop van zijn woning aan de [adres] heeft de man een deel van de overwaarde aangewend ter aflossing van deze extra hypotheek. Dit blijkt ook uit de door de man overgelegde stukken. De rechtbank is dan ook van oordeel dat de man een vergoedingsrecht heeft ter zake dit door hem ter beschikking gestelde bedrag.
geleendegeld, een bedrag van € 138.000,- op een effectenhypotheekrekening met nummer [effectenhypotheekrekeningnummer] wordt gestort (productie 1 en 2 zijdens de vrouw). De man heeft tegenover de betwisting door de vrouw dan ook onvoldoende onderbouwd dat het saldo op de effectenhypotheekrekening volledig aan hem toekwam, zodat de rechtbank deze vergoedingsvordering van de man afwijst.
- winst uit onderneming (waaronder mede begrepen uitoefening van een vrij beroep),
- inkomen uit arbeid en
- periodieke uitkeringen ter vervanging van inkomen uit arbeid.